|
Samenvatting
van de brief gericht aan het IMF en de Wereldbank.
(2000)
Deze
samenvatting is gemaakt door CODEWES:
- Comité voor de Opheffing van de Derde Wereldschuld. (België)
Brief aan de
leiders van het IMF en de Wereldbank
2000 goede redenen...om van koers te veranderen!
In de context van de
Wereldvrouwenmars werd een brief opgesteld gericht aan IMF en
Wereldbank. In haar kritiek op deze instellingen en hun gevolgen
voor vrouwen in het bijzonder, neemt deze brief voor een groot stuk
de analyse van CODEWES over. De volledige brief telt 23 pagina's.
Hier volgen enkele uittreksels.
Waarom deze brief
Wij willen u spreken over:
de gronden van uw grote politieke
en economische oriëntaties die volgens ons bijdragen tot de huidige
wereldwanorde en obstakels vormen voor de ontplooiing van de vrouwen
en de uitoefening van hun fundamentele rechten. We zijn in het
bijzonder getroffen door de bezetenheid waarmee u landen ertoe
aanzet om zich te integreren in de kapitalistische, neoliberale en
seksistische economie van de markt waarin geen plaats is voor enige
diversiteit of pluralisme;
de volgens ons illegitieme
buitenlandse staatsschuld van de ontwikkelingslanden. De opheffing
ervan is een van de voorwaarden om het armoedeprobleem resoluut aan
te pakken;
de structurele
aanpassingsprogramma's en in het bijzonder hun rampzalige gevolgen
voor generaties vrouwen sinds de jaren '80;
een gedifferentieerde analyse
volgens sekse waarvoor de aandacht bij het IMF en de Wereldbank zeer
problematisch blijft, meer in het bijzonder op het macro-economisch
niveau.
Zijn de vrouwen de grote winnaars
van de mondialisering?
U zegt dat de vrouwen de grote "winnaars" zullen zijn van
de mondialisering, dat ze meer toegang zullen hebben tot werk, dat
hun loon zal verbeteren, dat de verschillen tussen vrouwen en mannen
zullen slinken, dat ze financiële autonomie zullen verwerven en dat
de huishoudelijke verantwoordelijkheden beter verdeeld zullen
worden.
Nochtans getuigen de ervaringen van
duizenden deelneemsters aan de Wereldvrouwenmars, evenals de vele
feministische analyses van een uiterst hardnekkig seksisme inherent
aan de huidige mondialisering, van de bijzondere impact voor vrouwen
van de macro-economische politiek gerealiseerd door de
transnationale bedrijven en de financiële markten, aangemoedigd
door de nationale staten en ondersteund door uw instellingen (MMF
2000, CADTM/CODEWES 1999, WEDO 1995, UNIFEM 1999, Alternatives Sud
1999, enz.)
De mondialisering is een paradoxaal
proces: bloeiende bedrijven ontslaan massaal werknemers. Vrouwen
hebben toegang tot werk, maar in omstandigheden die herinneren aan
het begin van de industrialisering in de 19de eeuw. En wanneer de
toestand van de vrouw lijkt te verbeteren, is dat dikwijls omdat
deze van de man slechter wordt! De VN hebben in hun bilan van 1995
dan ook benadrukt dat economische groei zeker "een
noodzakelijke, maar niet een voldoende voorwaarde was voor de
verbetering van de toestand van de vrouw en voor het uitroeien van
de armoede." Dankzij de mondialisering en de integratie in de
wereldmarkt, konden "de vrouwen meer jobs veroveren dan de
mannen, maar moeten ze het onderspit delven wat betreft loon en
kwaliteit van het werk." (VN, 1995).
Massale ontslagen in de openbare sector zijn het gevolg van de
algemene tendens van Staten om hun tekorten en overheidsuitgaven te
verminderen onder directe druk van de financiële markten, evenals
van uw instellingen (middels de Structurele Aanpassingsprogramma's)
en de WTO. Deze ontslagen vallen vooral in de sectoren
gezondheidszorg en onderwijs, waar vrouwen toegang hadden tot meer
egalitaire arbeidsomstandigheden dan in de privé-sector en waar…
ze in de meerderheid zijn.
De systematische privatisering van
gevoelige sectoren als onderwijs en gezondheidszorg belast de
vrouwen met de taken die voorheen opgenomen werden door de Staat.
Deze arbeid neemt de vorm aan van meer onzichtbare en onbetaalde
arbeid. Niet enkel worden op die manier fundamentele rechten, als de
toegang tot gezondheidszorg en onderwijs, die erkend worden in
Internationale Conventies, niet geëerbiedigd. Men dringt aan op een
werkelijke overname van de taken en verantwoordelijkheden van de
staat door de private sector en bijgevolg dus ook door de vrouwen,
omdat deze vaak geen toegang hebben tot de private sector. Deze
substitutie wordt vertaald in een overbelastingscrisis voor de
vrouwen. Zo schat men dat sinds de invoering van Structurele
Aanpassingsprogramma's in de jaren 80 de vrouwen in Latijns Amerika
gemiddeld één uur meer werken per dag, wat overeenkomt met één
dag per week, zeer veel dus ! (MM, 2000)
Twee derde van de kinderen die niet
naar school gaan zijn meisjes. Gezinnen geven voorkeur aan de
jongens wanneer ze slechts over beperkte middelen beschikken voor
het onderwijs van de kinderen. En " waar het verschil in
primaire en secondaire geschooldheid tussen de geslachten al
vermindert, is de vooruitgang te traag om ervoor te zorgen dat dit
verschil volledig zou verdwijnen tussen nu en 2005." (VN, OESO,
WB, IMF, 2000).
De mondialisering verplicht de
vrouwen tot nog meer onbetaalde arbeid, terwijl ze reeds overbelast
zijn. Dit soort arbeid heeft natuurlijk altijd bestaan, maar nu
wordt deze niet langer enkel door hun echtgenoten, vaders,
werkgevers en overheden georganiseerd, maar ook door internationale
instellingen als de Wereldbank onder de vorm van hun hulpprojecten
en voedselhulp (Madorin, 2000).
In de landen van het Zuiden heeft
de liberalisering van de economie met haar verplichte en
onvoorwaardelijke opening van de grenzen voor import uit de
industrielanden (die zelf wel allerlei vormen van protectionisme
toepassen) de overlevingslandbouw werkelijk vernield, terwijl daarin
vooral vrouwen actief waren. In Indië bijvoorbeeld wordt hierdoor
de voedselzekerheid van miljoenen mensen bedreigt, doordat extra
bijgedragen wordt aan de inflatie van de prijzen voor basisvoedsel,
evenals aan de ontmanteling van het openbare en gesubsidieerde
voedseldistributiesysteem. Aangezien de vrouwen het gezinsbudget
beheren en het voedsel klaarmaken, eten ze minder. Ze eten immers
wat overblijft, gezien de taakverdeling binnen het gezin. Als men
daarbij de gestegen kosten voor geneesmiddelen en deze voor de voor
een meerderheid ontoegankelijke gezondheidszorg telt, kan men zeggen
dat de gezondheidstoestand van de Indische vrouwen slechter geworden
is tijdens het laatste decennium (Moghe, 2000).
In meerdere landen van het Zuiden (Guillen,
Martinez, MM 2000) werkt een meerderheid van de vrouwen in
vrijhandelszones waar loon en werkomstandigheden aan echte slavernij
doen denken. " In de Dominicaanse Republiek hebben artsen aan
het licht gebracht dat vrouwen die in zulke vrije productiezones
werken dubbel zoveel miskramen hebben dan de vrouwen die andere
activiteiten uitoefenen, dat hun kinderen twee keer zoveel last
hebben van ondergewicht en dat bij deze kinderen drie keer zoveel
misvormingen voorkomen. " (Wichterich, 1999 :55) De algemene
tendens van de dereglementering, die niks anders is dan een
dereglementering in het voordeel van de transnationale
ondernemingen, laat doorschemeren dat hele landen omgevormd zullen
worden in vrijhandelszones.
De mondialisering veroorzaakt
grondverschuivingen op het vlak van de arbeid van vrouwen op twee
manieren. Ten eerst is er de constante groei van de informele sector
waar de vrouwen in de meerderheid zijn. Het is een sector zonder
rechten waar eisen m.b.t. de toepassing van sociale normen de
betrokken vrouwen zelfs niet bereiken. Ten tweede is er de
ongelimiteerde flexibiliteit, de atypische arbeid, deeltijds en zeer
gefragmenteerd, wanneer men opgeroepen wordt, thuis, in
onderaanneming, in een soort onzekere onafhankelijkheid,
clandestien, enz. Dit is het gevolg van de invoering in de formele
sector van praktijken die gewoonlijk verbonden zijn met de informele
sector en die gekwalificeerd worden als het " vrouwelijke model
" met de bedoeling de competitiviteit van de ondernemingen op
te drijven (Olagné en Zafari, MM 2000). Volgens de OESO zijn de
vrouwen duidelijk in de meerderheid in dit soort jobs. En hoewel een
minderheid van de vrouwen toegang heeft tot jobs in beter betaalde
sectoren, de overgrote meerderheid van de vrouwen zijn huisvrouwen,
naaisters, straatverkoopsters, seizoenarbeidsters, enz. Het is dit
" model " van dereglementering van het Zuiden dat zich
meer en meer reproduceert in het Noorden !
Terwijl geweld t.o.v. vrouwen
natuurlijk reeds bestond voor de mondialisering en afhankelijk is
van het voortbestaan van de dominantieverhouding tussen mannen en
vrouwen (Rojtman, MM 2000), verergeren onzekere economische
omstandigheden de kwetsbaarheid van vrouwen voor alle vormen van
geweld. We wijzen in het bijzonder op de globalisering van de
vrouwenhandel en de prostitutie als gevolg van de toegenomen
armoede, de stijging van het sekstoerisme, de uitbreiding van de
mondiale seksindustrie, zonder het te hebben over het systematische
geweld in oorlogstijd (verkrachtingen, seksueel geweld, enz.).
Volgens de speciale VN-gezant voor geweld tegen vrouwen " is de
uitbuiting van het vrouwelijk lichaam een internationale industrie.
[…] Vrouwen worden bedrogen, gedwongen, misleid of omgekocht. Het
gaat om toestanden die lijken op slavernij of die vrouwen nu prostituees,
dienstmeiden, werkneemsters van sweatshops of gewoon echtgenotes
zijn. " (Coomaraswamy, 1997). Ziehier het weerzinwekkend beeld
van de mondialisering, een beeld waar uw politiek geen rekening mee
houdt. En de richting is dezelfde als deze van de terugbetaling van
de schuld : van het Zuiden naar het Noorden en van het Oosten naar
het Westen !
De tekst bevat ook een hoofdstuk
over de schuld en over de gevolgen van de structurele
aanpassingsprogramma's (SAP's) voor vrouwen. Het stuk over de schuld
begint met "De zaken moeten omgekeerd worden: we moeten denken
in termen van het Noorden dat miljarden dollars, gestolen in de loop
van de 19de en 20ste eeuw, verschuldigd is aan het Zuiden," een
idee dat steeds vaker terugkomt in brede platformteksten. Zie ook
het Manifest van Dakar.
Het hoofdstuk over SAP's schetst de verminderde toegang van vrouwen
tot onderwijs en gezondheidszorg (aan de hand van het voorbeeld van
Egypte) evenals de verminderde toegang tot grond voor
overlevingslandbouw (waarin vooral vrouwen actief zijn) als gevolg
van de opgedrongen productie voor export (het voorbeeld van Uganda).
Onze onmiddelijke eisen
In alliantie met een hele reeks burgerbewegingen uit de hele wereld,
eist de Wereldvrouwenmars van uw instellingen :
Transparantie en aansprakelijkheid
transparantie en aansprakelijkheid t.o.v. de civiele samenleving
evenals echte participatie van vrouwen bij het opstellen en het
realiseren van het gevoerde beleid, bij het onderhandelingsproces
tussen Staten en IMF-Wereldbank en bij de evaluatie van het gevoerde
beleid; (1)
Integratie en toepassing van een
gedifferentieerde analyse volgens sekse m.b.t. beleid en programma's
de integratie en de toepassing van een gedifferentieerde analyse
volgens sekse, zowel m.b.t. het macro-economische beleid van IMF en
wereldbank als m.b.t. de micro-economische programma's en projecten;
Verbetering van de financiële
toestand van de vrouwen
een substantiële verbetering van de financiële toestand van de
vrouwen in de traditioneel " vrouwelijke " sectoren
(gezondheidszorg, onderwijs, voedselvoorziening), maar ook in de
niet traditionele sectoren (toegang tot eigendom, tot kredieten, tot
vorming, enz.). (2) Het gaat hier om de vraag naar echte financiële
middelen om vrouwen toe te laten te ontsnappen aan de armoede.
Anders blijft het genderperspectief louter gepraat.
De opheffing van de schuld van alle
Derde Wereldlanden, rekening houdend met de principes van
verantwoordelijkheid, transparantie en aansprakelijkheid
op korte termijn: de onmiddellijke opheffing van de schuld van de 53
armste landen volgens de objectieven van de Jubilee 2000-campagne
op langere termijn: de opheffing
van de schuld van alle Derdewereldlanden en de instelling van een
mechanisme dat moet toezien of het vrijgekomen geld gebruikt wordt
voor het uitroeien van de armoede en voor het welzijn van de
bevolkingsgroepen die het meest getroffen zijn door de SAP's,
waarvan de vrouwen en de meisjes de meerderheid uitmaken. (3) De
oplettende deelname van de civiele samenleving aan dit mechanisme is
een conditio sine qua non.
Het afzweren van de Structurele
Aanpassingsprogramma's en hun klonen. Alles werd reeds gezegd over
de perverse effecten van deze programma's. Ze moeten daarom geëlimineerd
worden en plaats maken voor endogene ontwikkelingsmodellen,
gecontroleerd door de bevolkingen. Er moet gebroken worden met de
neoliberale orthodoxie.
(1)
Er circuleren meerdere voorstellen voor het verbeteren van de
transparantie en de aansprakelijkheid van de internationale financiële
instellingen. Een voorbeeld : het publiek voeren van de onderhandelingen
over alle beleid (m.b.t. leningen, bijstand,…) tussen een land en
IMF-Wereldbank en het afhankelijk maken van dit beleid van de
democratische beslissing van de nationale parlementen.
(2) Een van de suggesties : het toewijzen van financiële middelen
voor de uitwerking van nieuwe opvattingen over economie en over een
nieuw economisch beleid, door en met de vrouwen, vertrekkend van het
perspectief en de ervaringen van de vrouwen.
(3) We vermelden de suggestie om 20% van de middelen toe te kennen
aan programma's die de genderproblematiek behandelen.

|